Direct naar hoofdmenu / zoekveld

ouderraad oktober 2014

07/10/2014
Eeklo BKO Zuiderzon Afbeelding 1



Verslag Ouderraad 07/10/2014

Aanwezigen: Van Den Driessche Ann (schepen), Goossens Ann (coördinator BKO), Julie Lemaître (coördinator BKO), Wendy Van Hecke, Carmen Welvaert, Ellen Sierens

Verontschuldigd: Daisy Trenson, Angie Dhaese, Ann De Vuysdere, Erwin Kempeneer, Tamara Lievens, Greet Polfliet, Daisy De Coninck

  1. Personeelswissel

Schets achtergrond en redenen van personeelswissels in de verschillende locaties. (oa. administratie, uitwerking pedagogische visie)

Het welzijn van ieder personeelslid wordt bewaakt door het regelmatig houden van gesprekken.

Evaluatie van de personeelswissel na 4 maand (planning eind december).

Opstart van de werkgroep “implementatie van de visie”. Uit iedere locatie zal één begeleidster deelnemen aan de werkgroep. Het doel van de werkgroep is methodes uitwerken om de werking van de bestaande visie overheen de verschillende locaties op elkaar af te stemmen.

De terugkom dag die in een mail aan ouders werd voorgesteld laten we afhangen van het personeel zelf.

  1. Agendapunten

Zomervakantie evaluatie
De volledige evaluatie is nog niet afgewerkt. Een eerste vaststelling is dat de inkomsten lager uitkomen dan geraamd. Algemeen kunnen we stellen dat kinderen en begeleiding de vakantie positief evalueerden. De locatie Kinderpoort en Zuiderzon hadden op vele momenten in de vakantie te maken met kinderen op de reservelijst. Ouders die echt opvang nodig hadden werden doorverwezen naar de Blokhutten of Bukinop. In de locatie Blokhutten waren er iedere dag plaatsen beschikbaar.

Opmerkingen:

Kinderen -6jaar die buiten Eeklo wonen en tijdens het schooljaar niet naar de opvang komen, hebben voorrang op oudere kinderen die schoollopen in Eeklo en tijdens het schooljaar naar de opvang gaan. Voorstel bijkomende regel: Kinderen die buiten Eeklo wonen en geen schoollopen in Eeklo kunnen ten vroegste 14dagen op voorhand inschrijven.

De wijziging van onder andere de annulatieperiode van 14dagen en de voorschotfactuur werden volgens de ouders voldoende gecommuniceerd met ouders (mails/ telefonisch).



Inclusie

Tijdens het schooljaar 2013-2014 werd de visie rond inclusie uitgewerkt. Deze visie willen we integreren in ons huishoudelijk reglement en in het kwaliteitshandboek. Het voorstel werd reeds besproken en op punt gesteld tijdens het LOK. In bijlage wordt aan de ouderraad deze laatste versie meegegeven zodat ook zij nog opmerkingen kunnen aangeven alvorens dit aan de gemeenteraad wordt voorgelegd.

Tijdens het schooljaar 2014-2015 willen we bekijken hoe we de visie rond inclusie kunnen zichtbaar maken in de werking en bekendmaken aan het brede publiek.

Daarnaast zal een aangepaste intakeprocedure voor kinderen met een specifieke zorgbehoefte geïntroduceerd worden dit schooljaar.

Busvervoer

Het contract met de busmaatschappij werd voor nog één jaar verlengd. De vraag naar busvervoer komt ter discussie te staan omwille van de hoge kostprijs die de stad hiervoor betaald. Aan de ouderraad wordt de vraag gesteld hoe zij staan tegenover het mogelijks wegvallen van het busvervoer staan. De ouderraad vind de afstand tussen de school en de kinderopvang te ver voor kleine kinderen om de verplaatsing volledig te voet af te leggen. Daarbij merkt de ouderraad op dat de veiligheid van de jongste kinderen in het gedrang kan worden gebracht bij een verplaatsing langs de weg.



  1. Varia

  1. Kiss & Ride

Plan voor het aanleggen van een kiss&ride aan de Kinderpoort wordt voorgesteld.

Dit zou het foutief parkeren moeten verhelpen. Ouders kunnen maximum een kwartier op deze parkeerplaats staan. Plan voor 4 parkeerplaatsen aan te leggen.



  1. Afspraken volgende ouderraad
    Er werd nog geen datum vastgelegd.


1.2. De visie van de opvang

Visie met betrekking tot de kinderen

Ten aanzien van de kinderen is het belangrijk dat er een huiselijke sfeer is binnen de opvang. De kinderen moeten een “thuis” zien in de opvang. Om deze sfeer te creëren zijn een aantal peilers noodzakelijk. De peilers worden verder uitgewerkt in het handboek, maar we geven hierbij al een greep uit onze intenties naar de sfeer ten opzichte van de kinderen. De inrichting straalt warmte uit en de kinderen worden persoonlijk aangesproken, er is achtergrondmuziek in de opvang en het lokaal ziet er altijd netjes uit.

Naast de infrastructurele zaken zijn er onderwerpen die bvb. betrekking hebben op de aanpak van de kinderen. Stimulering van de verschillende ontwikkelingsgebieden is een belangrijk uitgangspunt. Vooral de sociale ontwikkeling staat centraal. De kinderen worden persoonlijk benadert; deze persoonlijke benadering heeft niet alleen betrekking op de begroeting bij aankomst, maar strekt zich over de ganse dag en wordt ruimer aanzien buiten het opvanggebeuren. Zo voelt het kind een erkenning aan, die belangrijk is bij het zich al dan niet thuis voelen in de opvang.

De kinderen moeten in de opvang een luisterend oor kunnen vinden, na school kan het kind er terecht met zijn uitlatingen van die dag, voor school krijgt het kind de kans om te vertellen waarvan het droomde, tijdens de vakantie krijgt het kind de kans te vertellen hoe het weekend was,… Naast het luisterend oor is er plaats voor een knuffel die aanleiding kan zijn tot het zich geborgen voelen in de opvang. Een kind dient niet altijd te worden geknuffeld om zich geborgen te voelen, maar wanneer een kind bvb. valt of ruzie heeft, is het belangrijk dat er iemand is waar hij/zij terecht kan.

Alle kinderen worden gestimuleerd tot respect voor anderen. Dit geldt voor alle kinderen en zeker ook voor kinderen met specifieke ontwikkelingsvragen en/of -behoeften. Het IBO wil kinderen opvoeden in verdraagzaamheid en respect voor diversiteit.

De kinderopvang is een unieke gelegenheid om kinderen samen te brengen. Net zoals het is in onze maatschappij worden zij ook in de kinderopvang geconfronteerd met diversiteit. Hierdoor leren zij omgaan met verschillen. Door deze verscheidenheid bewust te hanteren wordt het zelfbeeld van kinderen verstevigd, waardoor ze anderen en anders zijn kunnen aanvaarden en respecteren.

Een kind in de opvang moet de mogelijkheid krijgen zelf te kiezen waar hij/zij mee speelt. Door deze mogelijkheid te geven en op deze manier het kind een eigen inbreng te geven, wordt de creativiteit aangewakkerd en krijgt het kind een groter zelfvertrouwen in zijn/haar mogelijkheden. Wanneer een kind zijn gading niet vindt bij een spel kan het daar niet toe worden verplicht.

Indien de mogelijkheden niet ver reiken worden er impulsen gegeven aan het kind. Bij het geven van de impulsen is de inbreng van het kind belangrijk (wat wil het kind). Het geven van de impulsen en het krijgen van een eigen inbreng, moet ervoor zorgen dat het kind blijvend gestimuleerd wordt in zijn spel. Bvb. kinderen willen een kamp bouwen, de kinderen gaan op zoek naar materialen, maar komen terug met een schaars aantal. De begeleiding kan samen met de kinderen op zoek gaan naar welke gerieven er verder nodig zijn om de kinderen te stimuleren bij het bouwen van het kamp. Zo kan je hen aangeven, dat je met kartonnen dozen een groter en steviger kamp kan bouwen. Een kleine impuls kan ervoor zorgen dat kinderen terug op weg worden gezet in hun spel. Als de kinderen spontaan bezig zijn in hun spel is het niet noodzakelijk dat er nieuwe impulsen gegeven worden door de begeleiding. Het aanbieden van de mogelijkheden op dat moment zou een averecht effect kunnen hebben op het spel van de kinderen en aanleiding zijn tot het stopzetten van het spel.

Bij de keuze van het spel moet het kind over voldoende vrijheid beschikken die binnen de regels en normen valt van de opvang.

Vanuit de opvang worden de rechten van het kind volledig onderschreven. Om de kinderen meer en beter kennis te laten maken met hun rechten, zullen we op regelmatige basis de kinderen op een speelse wijze inlichten over hun rechten. Zo kan er een themadag worden georganiseerd waarin de rechten van het kind centraal staan.

Onze visie zou niet oprecht zijn mochten we niet kiezen voor diversiteit in de ruimste zin van het woord. Maatschappelijke integratie begint voor ons vanaf de eerste levensdag. Daarom hebben ook kinderen met een beperking recht op een gelijkwaardige plaats in onze samenleving, met behoud van hun eigen identiteit.

Visie met betrekking tot de ouders

Ouders en opvang zijn partners van elkaar voor in de opvoeding van het kind binnen de buitenschoolse kinderopvang. Een partnerrelatie veronderstelt een grote openheid en een vlotte communicatie. Die communicatie kan gerealiseerd worden door afspraken en regels, dit gebeurt dagelijks bij het brengen en halen van de kinderen. Hier krijgen we de kans om met elkaar van mening te wisselen. Het elkaar op de hoogte houden en van gedachten wisselen is belangrijk om de opvang een partner te laten zijn van het opvoedingsgebeuren.

Het is geen haalbare kaart om voor deze specifieke opvang alle deskundigheid zelf in huis te hebben. Daarom is het van belang om zowel voor de start van de opvang als tijdens de opvangperiode regelmatig en duidelijk te overleggen met ouders. Ouders zijn het eerste aanspreekpunt over de opvoeding van hun kind. Dit geldt zowel voor kinderen zonder beperking als kinderen met specifieke zorgen.

De partnerrelatie veronderstelt af en toe een moment om elkaar beter te leren kennen, dat is mogelijk bij een feest, een nieuwjaarsreceptie, een gezamenlijk geklaarde klus. Maar zonder de dagelijkse gesprekken hebben deze moment geen enkel nut. Ook staat de coördinator of begeleiding open voor individuele gesprekken, wanneer de ouder of begeleiding dit nodig acht. De opbouw van de partnerrelatie is een cirkel waarvan wederzijds vertrouwen een belangrijk onderdeel vormt. We rekenen erop dat ouders mee instaan voor de opbouw van een goede relatie met iedereen die actief betrokken is bij het opvanggebeuren. Ouders willen we in onze zorg tot hun kind(eren) betrekken om zo samen de gedeelde verantwoordelijkheid op te nemen in de opvoeding van hun kind. Dit willen we doen door een kwaliteitsvolle opvang te organiseren in overleg met team, ouders en bestuur.

Als kinderopvang vinden we het belangrijk dat de eigenheid van ieder gezin wordt gerespecteerd. Onze begeleiding heeft bijzondere intenties naar de diversiteit bij gezinnen en wil voor ieder gezin een luisterend oor bieden.

Door het creëren van een lage drempel bij ouders willen we hen duidelijk maken dat we open staan voor feedback van hen uit. We streven ernaar de ouders ervaren dat we als kinderopvang kunnen en willen leren uit deze feedback. Ouders die hun klacht niet kenbaar kunnen of willen maken krijgen voldoende andere kanalen om dit te doen.



Visie met betrekking tot de scholen en externe organisaties

De samenwerking van de scholen en de buitenschoolse kinderopvang kent al van bij de start van het IBO een nauwe band. We willen deze banden met de verschillende scholen over de netten heen behouden en aansterken. Door samen te overleggen rond de kinderen kunnen we de kinderen beter helpen en ondersteunen. De expertise vanuit de scholen willen we gebruiken binnen ons opvanggebeuren. Mits toestemming van de ouder(s) kan er overleg georganiseerd worden met betrokken externe organisaties.

Visie met betrekking tot de begeleiding

De coördinatoren krijgen van de stad de volledige bevoegdheid om de dagelijkse werking van het team in goede banen te leiden. Zij houden de schepen voor kinderopvang, die beleidsmatig eindverantwoordelijke is, regelmatig op de hoogte. Zij bepalen de algemeen te volgen beleidslijnen van de opvang.

De opgewekte sfeer, de energieke mentaliteit en inzet van het personeel willen we levendig houden binnen het team. Dat kan natuurlijk alleen als we blijven zorg dragen voor een aantal zaken. Zo is het ondermeer belangrijk dat alle medewerkers zich betrokken voelen bij de beleidsvoering van de opvang, door in alle openheid inzicht te krijgen in de ontwikkelingen die zich voordoen. Er wordt overigens verwacht van het team dat zij meedenken en zo nodig hun voorkeur uitspreken en adviezen formuleren. Er wordt wekelijks overleg gevoerd binnen het team, waarbij menselijke aspecten met betrekking tot collegialiteit, contact met derden, werkdruk en tegenslagen aan bod komen. Op deze teamvergaderingen zullen ook de kinderen met specifieke zorgbehoeften uitgebreid aan bod komen wanneer dit nodig is. Alles wat met de ouder besproken werd rond de gewoonten van het kind, zal aan de teamleden meegedeeld worden, dit met de blik op discretieplicht.

Waar het uiteindelijk allemaal om draait, is de zorg dat elke medewerker daadwerkelijk ervaart dat hij/zij een schakel is in het hele gebeuren, en op die manier een eigen zinvolle en persoonlijke inbreng kan geven in de werking. De ervaring van het teamlid dat hiermee daadwerkelijk iets wordt gedaan moet bijdragen tot het krijgen van meer verantwoordelijkheid voor elk personeelslid binnen de opvang.

Visie met betrekking tot inclusie (Cas & Co, 2014)

Waar staat inclusie voor?

Met inclusie wordt bedoeld dat ouders van een kind met een extra zorgbehoefte, net zoals elke ouder, de kans moeten krijgen een vrije  keuze te maken uit de opvangmogelijkheden die voorhanden zijn. Wij staan open voor de opvang van kinderen met een specifieke zorgvraag.

Wat wordt bedoeld met 'een specifieke zorgvraag'?

Het is een officiële term, waarbij het gaat om ‘kinderen die door medische problemen, een fysische, mentale, zintuiglijke, meervoudige handicap, door moeilijkheden in hun gedrag en/of psychosociale problemen meer intensieve zorg nodig hebben’. Wij, als kinderopvang, hanteren niet het woord ‘handicap’. We gebruiken de respectvolle term ‘kind met een specifieke zorgbehoefte/vraag’.

Om in onze praktijk inclusie waar te maken, baseren we ons op het diversiteit/inclusie model. Hierbij vertrekt men van het onvoorwaardelijke recht van elk kind om erbij te horen. Iedereen, ongeacht zijn achtergrond, talenten en beperkingen is welkom in de kinderopvang . Het kind wordt gewaardeerd in zijn eigenheid. De ouders en medewerkers werken samen in een partnerschap.
Diversiteit erkennen en respecteren, impliceert dus dat kinderen met een specifieke zorgbehoefte gewaardeerd zijn als persoon. Niet omdat zij zo snel mogelijk moeten worden zoals de andere kinderen, maar omdat het verschil op zich een eigen waarde heeft. Het ontwikkelingsprobleem van het kind staat niet centraal. De, eventueel, gestelde diagnose en behandeling door specialisten blijft natuurlijk noodzakelijk, maar de opvoeding van het kind in een gewone omgeving tussen alle andere kinderen, krijgt een gelijkwaardige aandacht. Het kind hoeft zich niet koste wat het kost aan te passen aan de omgeving maar wordt aanvaard zoals het is.

1.3. De doelstellingen van de opvang

De kinderopvang verzorgt een kindgerichte opvangmogelijkheid waarbij ieder kind aan bod komt. Veiligheid en welbevinden zijn hierbij prioriteit.

Kinderen krijgen in de kinderopvang heel wat kansen tot contacten met anderen kinderen en volwassenen. De kinderen krijgen de ruimte om, binnen de opvang, zichzelf te zijn in hun sociale relaties. Daarbij wordt specifiek aandacht besteed aan de wijze waarop ze met elkaar omgaan. Het belang van een verdraagzaam en geweldloos optreden staan daarbij centraal. Door in contact te komen met anderen, worden de kinderen aangeleerd hoe ze moeten omgaan met verschillen.

De voorziening ziet erop toe dat de buitenschoolse opvang optimale kansen biedt aan elk kind en de draagkracht van het kind niet overschrijdt.

Er is voldoende verantwoord en veilig spelmateriaal ter beschikking dat passend wordt aangeboden. Dit spelmateriaal is aangepast aan de leeftijd, de aard en het ontwikkelingsniveau van de opgevangen kinderen.
De kinderen worden gestimuleerd in hun zelfvertrouwen door hen aan te spreken op hun vaardigheden, door rekening te houden met hun voorkeuren en door hun eigen initiatief te bevorderen.

De omgang met de kinderen is sensitief, informeel en persoonlijk. Waar nodig worden duidelijk en consequent grenzen getrokken. Elk kind moet zich psychisch en fysiek veilig kunnen voelen. Kinderen met specifieke noden, zoals kinderen met specifieke zorgbehoeften en kinderen uit kansarme gezinnen, krijgen adequate zorg en aandacht.

Het initiatief ziet erop toe dat het aantal aanwezige kinderen in verhouding is tot de beschikbare infrastructuur en de bij de erkenning toegestane capaciteit van de vestigingsplaats.

Binnen het gestructureerde aanbod van de voorziening moeten kinderen vrij kunnen kiezen en initiatieven kunnen nemen. Ondermeer moeten kinderen kunnen kiezen of ze zich willen inleven in een spel dan wel rustig willen bezig zijn, of alleen willen spelen dan wel in groep, met of zonder volwassene in buurt.

De kinderen worden zoveel mogelijk betrokken bij het opstellen of wijzigen van de leefregels, het inrichten van de ruimte, het organiseren van de activiteiten, het reilen en zeilen van de opvang.

Alle verplaatsingen van kinderen (tussen school en opvangvoorziening, bij uitstapjes, e.a.) worden veilig onder gepaste begeleiding georganiseerd.

Bij de dienstverlening wordt niemand gediscrimineerd op grond van cultuur, maatschappelijke afkomst, nationaliteit, geslacht, geloof of geloofsovertuiging. Het verdrag inzake de rechten van het kind worden geëerbiedigd en gewaarborgd.

Het team van begeleiding vormt de basislijn in het begeleiden van de kinderen in de kinderopvang. Zij genieten de nodige steun vanuit het bestuur hierbij.

De begeleider staat in voor het opvangen van de kinderen en het uitwerken van de activiteiten, dit op basis van de ontwikkeling van het individuele kind. Ook de opvolging van de dagelijkse oudercontacten zijn een must.

De coördinator staat in voor het opvolgen van de begeleiders, het organiseren van het teamoverleg, de ouder en kinderparticipatie, het onderhouden van contacten met externen en het plannen en bewaken van de dagelijkse werking van het initiatief.

Ouders worden als partners aanzien en genieten mee van de kwaliteitsvolle kinderopvang.

De breng- en haalmomenten met de ouders vinden op een dergelijke wijze plaats dat het wederzijds vertrouwen versterkt wordt. De nodige tijd en ruimte worden hiertoe vrijgemaakt.

De ouders hebben tijdens de openingsuren van de opvang toegang tot alle lokalen waar de kinderen kunnen verblijven.

De ouders worden regelmatig geïnformeerd over de gang van zaken in de opvangvoorziening en worden betrokken bij de organisatie van activiteiten alsook bij de ruimere werking en het beleid van de opvang.

De ouders van de opgevangen of eventueel tot de opvang geweigerde kinderen kunnen ten alle tijde klacht indienen bij de klachtendienst van K&G. Deze bepaling wordt ingeschreven in het huishoudelijk reglement.

2.2.1. Visie met betrekking tot het aanbieden van een optimaal pedagogisch klimaat

Diversiteit:

De grote diversiteit binnen onze samenleving weerspiegeld zich in onze kinderopvang. De drie maatschappelijke functies van kinderopvang (economische, pedagogische en sociale functie) proberen we zo goed mogelijk in evenwicht te houden. We trachten de kinderopvang toegankelijk te maken voor alle kinderen, ook voor de meest kwetsbaren in de samenleving. Dit door middel van het wegwerken van financiële en sociale drempels. Van de personeelsleden die werken binnen de kinderopvang wordt verwacht dat zij respectvol omgaan met verscheidenheid.

BKO Stad Eeklo biedt ook opvang aan kinderen met specifieke zorgvragen; bijvoorbeeld: ontwikkelingsstoornissen, beperkingen of chronische ziektes. We spreken daarom van een inclusieve kinderopvang.

De draagkracht van het kind wordt niet overschreden. Door de groepen niet strikt op te delen geven we de kinderen de kans zich sociaal binnen de verschillende leeftijdsgroepen te ontplooien.








Zoeken