De Milieu-inspectie had zelf plannen voor een geurstudie, maar
omdat de bedrijven dit nu zelf doen, is er overleg omtrent de
inhoud en de wijze van uitvoeren van de studie tussen de diverse
partijen: I.V.M. (Intergemeentelijke opdrachthoudende vereniging
voor huisvuilverwerking Meetjesland), Van Gansewinkel, de
Milieu-inspectie en het stadsbestuur.
De geurstudie werd in november gestart. Ondertussen werden al vier
snuffelmetingen uitgevoerd. De oorspronkelijke opdracht bestond
erin om in een periode van vier maanden tien metingen uit te
voeren. Daarna zou een uitspraak worden gedaan over de
geurverspreiding vanuit de groencomposteringen. De firma die de
geurstudie uitvoert, is van mening dat tijdens winter- en
zomerperiodes dezelfde geur wordt verspreid. In Eeklo is al eerder
gebleken dat in de zomer de perceptie nochtans totaal verschillend
is. Inwoners verblijven in de zomerperiode meer buiten en zijn op
dat moment gevoeliger voor eventuele geurhinder. In de periode
augustus-september is er bovendien verwerking van aangevoerde
hoeveelheden bermmaaisel en gras. Deze fracties zijn de moeilijkst
te verwerken fracties.
Op vraag van Milieu-inspectie en de stad werd overeengekomen om de
meetperiode uit te breiden naar twaalf metingen. In de
zomer/nazomerperiode zal zeker ook een meting worden uitgevoerd.
Van de acht nog uit te voeren metingen, zullen twee metingen
gebeuren tijdens het omzetten van de composthopen, drie tijdens een
periode van activiteit (aanvoeren, opzetten hopen,..) en drie
tijdens een periode van non-activiteit (vb. in de vroege ochtend,
in het weekend,…). Eens de resultaten gekend zijn, zullen deze
bekend gemaakt worden.
Om geurhinder te voorkomen, doen de I.V.M. en Van Gansewinkel er
ondertussen alles aan om de aard van het aangeleverde groen, gras
en bermmaaisel te controleren. Dit dient zo vers mogelijk te zijn
om zoveel mogelijk geurhinder te vermijden.
(25 februari 2010)
Facebook
Tweet
LinkedIn
Google Plus